
de Volkskrant
16 augustus 2016 dinsdag
Section: V Opening; Blz. 2
 RONALD VELDHUIZEN
Highlight: Berichten verspreiden zich vaak razendsnel, of ze nu kloppen of niet. Wij proberen de zin van de onzin te scheiden.
Klopt dit wel?
Raakt de mensheid onvruchtbaar omdat we worden blootgesteld aan giftige plastics? Die vraag duikt om de zoveel tijd op, maar telkens blijkt het onderzoek achter zulke claims rommelig of onbetrouwbaar. Spermacellen tellen is een lastig klusje en het aantal cellen per zaadlozing schommelt bij mannen nou eenmaal behoorlijk. Knap lastig om daar een dalende lijn door te trekken. 

Nu berichtten The New York Times, The Guardian en veel andere grote media afgelopen week over een nieuw sperma-onderzoek dat dat probleem omzeilt: het is namelijk op honden uitgevoerd, door een klein laborantenteam dat al 26 jaar op dezelfde manier sperma verzamelt en telt. Ook al zijn honden geen mensen, toch zou het viervoeteronderzoek iets zeggen over menselijke vruchtbaarheid, omdat honden immers onze huisgenoten zijn en waarschijnlijk dezelfde gifstoffen binnenkrijgen. En wat blijkt nu: ook hun sperma neemt in kwaliteit af. Wie de nieuwskoppen gelooft, ziet de onvruchtbaarheidsapocalyps langzaam naderen. Is dat terecht? 

De studie zelf, uitgevoerd door Richard Lea van de Universiteit van Nottingham, valt inderdaad niet te betichten van de gebruikelijke bezwaren. Sterker nog: het onderzoek is behoorlijk rigoureus. Zo keek Lea's team niet alleen naar spermacellen, maar zocht het ook naar sporen van giftige chemicaliën in gecastreerde teelballen (en die vonden ze). 

Maar toch wijzen de resultaten er niet ontegenzeggelijk op dat honden daadwerkelijk minder vruchtbaar zijn geworden. Het is niet alsof de kwakjes, die de onderzoekers overigens eigenhandig uit de hondenpiemels 'masseerden', na 26 jaar minder zaadcellen bevatten: de spermaproductie schommelde van jaar tot jaar, maar gemiddeld bleef het gelijk. Ook niet anders na al die jaren: het uiterlijk van de spermacellen. 

Het enige resultaat dat overeind blijft, is dat de zaadcellen minder goed zijn gaan zwemmen: van 90 procent vooruitzwemmende cellen in 1988, tot zo'n 60 procent nu. Belangrijk wel, maar of dat aan de chemicaliën ligt of aan iets dat alleen voor honden geldt, blijft gissen. 'De studie lost het 'dalende spermakwaliteit bij mensen'-debat niet op, concludeert toxicoloog Richard Sharpe van de universiteit van Edinburgh in een commentaar.



